donderdag 20 juni 2013

Fotografie Tips - Deel 1

Net zoals de velen onder ons ben ik groot fan van fotografie. Overal waar ik ben, is mijn camera. Ik hou ervan om op mijn buik in het gras te liggen om een bloem op de foto zetten met het perfecte zonlicht, ik hou ervan om mensen zo op de foto zetten dat ze zich mooi voelen, ik hou ervan om landschappen in betoverend licht te fotograferen. Vakanties zijn voor mij een groot  plezier: zo veel mooie vergezichten, bijzondere mensen en zeldzame dieren. En dit alles doe ik met een simpele Sony Cybershot Dsc-W220. Je leest het goed, geen dure spiegelreflexcamera dus. En toch krijg ik vaak te horen dat ik prachtige foto’s maak. Wil je weten hoe ik dat doe? Lees dan vooral verder!



 
  • Fotografeer het liefst niet tussen twaalf en drie uur s’ middags, het licht is dan namelijk te fel waardoor je foto’s flets of overbelicht worden. Wat dan wel goede tijdstippen zijn? Het uur voordat het echt donker wordt. Dat is in de zomer van zes tot acht uur en in de winter van vier tot vijf. Het licht is dan zacht en je zal gegarandeerd mooie foto’s maken. Natuurlijk is zonsopkomst- en ondergang ook erg mooi.



 
  • Voor portretten geld dat je nooit recht van voren moet fotograferen. Maak liever een foto van driekwart – bij bijna iedereen komt je gezicht dan mooier  uit. Verder moet je nooit tegen de zon in fotograferen tenzij je graag een donker gezicht wil. De grootste uitdaging van menig fotograaf is “de blik”. Veel mensen hebben een krampachtige lach op foto’s en dat ziet er natuurlijk niet zo mooi uit. Zorg dat mensen zich op hun gemak voelen als ze op de foto gaan of zorg ervoor dat ze niet door hebben dat je een foto maakt. Want echt, je ziet het als iemand een tandpastalach opzet. Echt lachen doe je niet alleen met je mond, maar ook  met je ogen. Fotografeer je een groep mensen? Let dan ook op de compositie. Zet ze niet allemaal op een rijtje maar door elkaar. Laat de voorste door hun knieën gaan en de achterste eventueel op een krukje.

 
  • Laat die flitserfunctie uit! Gezichten worden wit en elk pukkeltje wordt extra uitgelicht, om het over de vreselijke belichting nog maar niet te hebben… Liever zorg je dat je een statief hebt, of gewoon op de simpele manier: zet je camera op een geïmproviseerd statief. Dat kan een muurtje zijn maar ook een tafel, stoel, de vloer enz. Is het avond en ben je bang dat je zonder de flitsfunctie te donkere foto’s maakt? Kijk dan even bij je instellingen. Veel camera’s kun je instellen op schemer, donker en soms zelfs per lamp.


  • Iedereen die dieren wil fotograferen kent het wel: negen van de tien foto’s zijn bewogen. Dieren zitten nou eenmaal nooit stil. Ja, het kost wat extra moeite maar als je ze eenmaal op de foto hebt kun je ook trots zijn! Dieren zijn altijd fotogeniek, of het nou om een konijn of een zeldzaam reptiel gaat – ze zullen niet zo snel tegensputteren omdat hun vacht niet goed zit (wat mensen wel vaak doen;). Als eerste is het belangrijk je op dezelfde hoogte als het dier te bevinden. Het is nooit mooi om het dier van bovenaf op de foto te zetten, bovendien zal het dier zich dan aangevallen voelen en misschien wel wegvluchten.                                             Als je dieren in de dierentuin of je huisdier op de foto wil zetten, probeer dan tralies en vieze ramen te vermijden. Dit zal je foto alleen maar verpesten. Past het dier niet helemaal op de foto zonder tralies? Dan maak je toch een close-up! Net zo mooi.

Fotografeer ze!

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen